Beroepen,  Gastblogs

Gülgen: “Drie keer was ik erbij toen zij haar kinderen op de wereld bracht: eerst een jongen, daarna twee meisjes”


Sinds 2020 is Gülgen werkzaam als verloskundige, of vroedvrouw, zoals zij zich noemt. In deze gastblog neemt ze je mee in een bijzondere situatie: ze begeleidde alle drie de bevallingen van dezelfde vrouw.


Een vrouw. Drie bevallingen. Eén verloskundige.

Als verloskundige heb ik inmiddels al heel wat vrouwen mogen begeleiden, zowel tijdens het spreekuur als bij de bevalling. Vrouwen met verschillende achtergronden, culturen en verhalen. Dat is ook precies wat dit vak zo mooi maakt: je ziet zoveel, je leert zoveel. En het raakt me nog steeds, elke keer weer.

Ik vind het moeilijk om in woorden uit te leggen wat verloskunde voor mij betekent. Het klinkt misschien cliché, maar ik doe dit werk met liefde, met passie, écht vanuit mijn hart. Iedereen die mij goed kent, zal dat meteen beamen: dit beroep past bij mij.

Toch voel ik me diep vanbinnen meer dan alleen ‘verloskundige’. Ik voel me een vroedvrouw. Een vroede vrouw – een wijze vrouw – zoals het woord van oudsher bedoeld was. Iemand die niet alleen medische kennis heeft, maar ook met zachtheid, ervaring en vertrouwen naast vrouwen staat. Iemand die de natuurlijke processen van zwangerschap, geboorte en kraamtijd volgt en ondersteunt, in plaats van ze te willen beheersen. Ik ben juist ook die vrouw die je helpt om te zakken in je lijf. Die je aanmoedigt om je lichaam te leren voelen, begrijpen, vertrouwen. Daarom noem ik mezelf: vroedvrouw Gülgen.

Mijn reis begon in 2015. Ik was toen moeder van twee kinderen en begon aan de opleiding verloskunde aan de Academie Verloskunde in Amsterdam. Het was geen makkelijke weg, maar ik heb doorgezet. In 2019 liep ik mijn eindstage bij een praktijk in Amsterdam. In die periode leerde ik een zwangere vrouw kennen die op consult kwam voor haar eerste kindje. We hadden direct een klik. Ik hoopte stiekem dat ik bij haar bevalling aanwezig mocht zijn, het was immers mijn eindstage en ik wilde zoveel mogelijk ervaring opdoen.

Ik heb in mijn stage en na het afstuderen zoveel vrouwen begeleid. Vriendinnen, familie, onbekenden, maar deze vrouw blijft bijzonder voor mij. Want ik mocht niet één, niet twee, maar drie van haar bevallingen begeleiden. Hoe groot is die kans? Drie keer was ik erbij toen zij haar kinderen op de wereld bracht: eerst een jongen, daarna twee meisjes. En iedere keer weer voelde het speciaal. Soms stel ik me voor hoe die kinderen later groot zijn en terugkijken op hun geboorteverhalen. En dat ze dan zeggen: “We zijn allemaal geboren met dezelfde verloskundige. Gülgen was erbij.” Dan moet ik glimlachen.

Na haar eerste bevalling groeide er tussen ons een warme vriendschap. We bleven contact houden, dus toen ze zwanger was van haar tweede en later haar derde was het eigenlijk vanzelfsprekend dat ik er weer bij zou zijn.

Ik neem je mee in die drie geboorteverhalen. Drie prachtige thuisbevallingen. Drie keer de magie van nieuw leven. En ik? Ik mocht daar gewoon bij zijn.

Alles gaat ineens zo snel

De eerste bevalling
Het is mei 2019. Ik ben in dienst samen met de verloskundige van de praktijk waar ik mijn eindstage loop. In de avond krijgen we een telefoontje: Y. heeft gebeld, het is zover. We gaan naar haar toe. Ik weet het nog precies. Ik kom haar slaapkamer binnen en zie haar daar zitten op een skippybal, wiegend heen en weer. Ze kijkt me aan, we zeggen niet veel, maar ik zie het meteen: ze heeft het zwaar, al laat ze dat nauwelijks merken. Ze ademt rustig, haar gezicht blijft ontspannen. Zo’n krachtige, kalme vrouw. Met haar toestemming mag ik een inwendig onderzoek doen. Ze ligt inmiddels op bed. En tot mijn verbazing en ook die van haar is er al volledige ontsluiting: 10 centimeter. Niet lang daarna voelt ze persdrang. Alles gaat ineens zo snel. En toch: geen paniek. Geen geschreeuw. Alleen focus, rust en volledige overgave. Ze begint met persen, eerst op bed in zijligging. Maar het lijkt geen vordering in te komen. Ze voelt dat het niet goed werkt. En ze vraagt of ze op de bevalkruk mag gaan zitten. Die had ik in een hoekje klaargezet. Natuurlijk mag dat! Vervolgens gaat ze op de kruk zitten en doorpersen. Mijn stagebegeleider, de verloskundige waarmee ik die dag meeloop, zit op afstand, ergens in een hoekje van de kamer. Ze observeert stilletjes. Dit is immers mijn eindstage; ik leid deze bevalling. Ik sta naast Y., dicht bij haar, helemaal aanwezig. En dan, ineens is hij daar. Een prachtig jongetje. Geboren op de kruk. Hij huilt meteen en mag direct op de borst van zijn moeder liggen. Alles is goed.

Na de bevalling van haar eerste kindje kom ik nog even bij haar langs in de kraamweek en daarna houden we eigenlijk vanzelf contact. Af en toe een appje. Even inchecken. Even horen hoe het gaat. In de tussentijd studeer ik af. Ik begin te werken als verloskundige en aan het eind van 2020 krijg ik een berichtje van haar: “Ik ben weer zwanger.”

Tijdens haar hele zwangerschap zie ik haar op het spreekuur

De tweede zwangerschap
Ze meldt zich aan bij de praktijk waar ik inmiddels werk. Tijdens haar hele zwangerschap zie ik haar op het spreekuur. Natuurlijk hoop ik dat ik ook bij deze bevalling aanwezig kan zijn. We werken met meerdere collega’s, dus niets is vanzelfsprekend, maar ik zeg al snel: “Ook als ik geen dienst heb, dan kom ik. Ik wil er gewoon bij zijn.”

Het is wel even spannend. Haar eerste bevalling ging behoorlijk vlot, dus ik verwacht dat het deze keer nóg sneller zal gaan. En aangezien ik zelf inmiddels twee kinderen thuis heb, moet ik alles goed organiseren om op tijd te zijn.

Alsof haar lijf het al wist: binnen een halfuur is daar haar tweede kindje

De tweede bevalling
Het is 4 mei 2022. Y. is 41 weken en 3 dagen zwanger. We hebben afgesproken dat ik tijdens mijn dienst bij haar langs ga om te kijken hoe het met haar gaat. Ze wil graag gestript worden. Wanneer ik haar huis binnenkom, zie ik dat ze weeën heeft. Haar weeën zijn nog onregelmatig en niet echt intens. Ze wil graag dat ik vaginaal onderzoek doe om te strippen en ik voel tot mijn verbazing dat ze al 5 centimeter ontsluiting heeft. Haar vliezen zijn nog intact. Ik bespreek rustig met haar wat ik voel en vertel dat ze nu twee keuzes hebben: strippen of de vliezen breken.

Ik vertel haar dat strippen het minst invasieve is op dit moment en aangezien ze al onregelmatige weeën heeft, kan dit haar lijf nog een laatste zetje geven. Maar eerlijk? Ik weet dat het bij haar zo snel kan gaan. Dus ik durf haar huis eigenlijk niet meer te verlaten.

In plaats daarvan blijf ik gewoon in de keuken wat administratie doen, mijn laptop opengeklapt op tafel. Na een paar uur besluiten we toch om de vliezen te breken. Maar voordat ik dat doe, leg ik eerst alle spullen klaar. Ik bel het kraamzorgbureau voor partusassistentie, want ik weet zodra ik haar vliezen breek: binnen een halfuur ligt die baby in haar armen.

En ja hoor. Vliezen gebroken, helder vruchtwater. En alsof haar lijf het al wist: binnen een halfuur is daar haar tweede kindje. Kalm. Krachtig. Zoals alleen zij dat kan. Dat ik haar tweede bevalling mocht begeleiden, was natuurlijk ontzettend bijzonder. Voor haar voelde het vertrouwd om opnieuw met dezelfde verloskundige te bevallen. Maar voor mij? Voor mij was het zo waardevol. Want twee keer een bevalling bij dezelfde vrouw mogen begeleiden, dat gebeurt niet vaak. En drie keer? Dat had ik nooit durven denken. Maar het gebeurde echt.

Ik kom bij haar thuis aan en zie meteen: ze heeft volledige ontsluiting

De derde bevalling
Op 22 mei 2024 kreeg ik rond 11.30 uur een appje van haar: “Sinds gisteren voelt het een beetje rommelig. Ik heb mijn urine voor de zekerheid even laten controleren bij de huisarts, om blaasontsteking uit te sluiten.”

Een uurtje later nog een berichtje: “De krampen komen en gaan een beetje, maar het gaat prima. Ik ben gewoon lekker aan het koken. Maar het voelt wel anders dan eerder deze week.” En ik? Ik dacht alleen maar: oké, ademhalen, spullen klaarleggen. Zodra ze belt, moet ik gaan. Meteen.

We hielden contact om 14.30, 15.30 en 16.00 uur. Haar weeën kwamen om de 11 minuten, maar ze voelde zich rustig en op haar gemak. Ik zei tegen haar dat ze haar lichaam mocht volgen. Niet tellen of timen, gewoon voelen. En bij haar wist ik: ook als de weeën nog om de 7 of 8 minuten komen, moet ik paraat staan. Want zodra het echt begint, gaat het keihard.

Rond 18.00 appt ze weer. De weeën komen nog steeds om de 11 minuten, maar nu is er eentje bij waarbij ze zich echt moest concentreren op haar ademhaling. Ik wist: het is begonnen. Zij bevalt op zo’n bijzondere, krachtige manier. Die hele eerste fase gaat bij haar bijna easy peasy. Maar dan ineens bam dan schakelt haar lichaam over.

Ik vraag of ze wil dat ik alvast kom. “Nee hoor, nog niet,” zegt ze. “We gaan eerst de kinderen op bed leggen.” Oké, prima. Ik vraag nog even het nummer van het kraamzorgbureau, check telefonisch waar het kraampakket ligt en of haar zwangerschapskaart klaar ligt. Alles is geregeld.

18.30: De weeën komen nu om de 8 minuten.
18.40: De weeën om de 5 minuten. En dan weet ik: ik ga. Nu.

Ik kom bij haar thuis aan en zie meteen: ze heeft volledige ontsluiting. Ik hoef niet te voelen, ik zie het aan alles. Ze heeft persdrang. Ik maak snel mijn spullen klaar, blijf dicht bij haar. Ik kijk haar aan en zeg: “Het lijkt erop dat je persdrang hebt. Heb je dat gevoel ook?” Ze knikt, een beetje verbaasd: “Moet je niet eerst voelen?” Ik glimlach. “Nee hoor, ik zie het aan je. Als je wilt persen, volg dat gevoel.”

En dat doet ze. Kalm. Krachtig. En binnen een half uur na mijn aankomst, houdt ze haar derde kindje in haar armen.

Sommige bevalverhalen draag je voor altijd met je mee. Dit is er zo één.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *