Beroepen,  Interviews

Veran en Angelique zijn thanatopracteurs: “Ons kleine landje loopt wat keuzes betreft erg voorop.”


De dood en alles wat hierbij komt kijken wordt niet vaak besproken. Veran en Angelique zijn werkzaam in de overledenenzorg als thanatopracteurs (balsemers). Ze geven een uniek inkijkje in hun werk, de weg hiernaartoe en hoe zij zelf denken over de dood.


Wat houdt het beroep van een thanatopracteur in?
Een thanatopracteur is iemand die overledenen licht balsemt, met als doel het lichaam zonder koeltechnieken mooi te houden tot de dag van de uitvaart. 

Hoe zijn jullie in de overledenenzorg terechtgekomen?
Veran: Toen ik 20 jaar geleden verhuisde, zocht ik een nieuwe baan. Ik reed telkens langs een uitvaartcentrum en was erg benieuwd naar wat er zich achter deze muren afspeelde. Kort hierna kwam er een advertentie in de krant dat ze mensen zochten om hun team te versterken en toen heb ik uit nieuwsgierigheid gesolliciteerd. Ik ben intern opgeleid als overledenenverzorger en heb in de loop van de jaren alle cursussen die er op dit gebied zijn gevolgd. Reconstructie, complexe reconstructie, airbrush make-up en de opleiding tot thanatopracreur (balsemer). Deze opleiding heb ik bij Versalius gevolgd en mijn praktijk gedeelte in Londen. Door de jaren heen zijn er met liefde duizenden overledenen door mijn handen gegaan. Het blijft een eer om dit te mogen doen.” 

Angelique: Ik ben een aantal jaar geleden begonnen in het mortuarium. Daar leerde ik Veran kennen. Ik had al eerder mensen in mijn omgeving verzorgd alleen had destijds nooit kunnen bedenken dat dit mijn roeping zou worden. Tot mijn eerste werkdag. Toen wist ik het meteen.

Ik heb ook lang af en aan in het buitenland gezeten, ik had een eigen bedrijf. Daar kwam ik in aanraking met de problematiek rondom repatriëringen. Dat ben ik uit gaan pluizen en zo kwam ik bij de opleiding thanatopraxie. Voor ik het wist zat ik bij Veran in de bus. Zij heeft mij uiteindelijk opgeleid. 

Het blijft bijzonder om diegene dan na overlijden weer te zien en te mogen verzorgen.

Hoe ziet het proces van overlijden tot de begrafenis/ crematie eruit?
Heel soms worden wij rechtstreeks door de persoon die gaat overlijden gebeld om kennis te maken. Vaak ook om informatie in te winnen over de behandeling zelf. Het blijft bijzonder om diegene dan na overlijden weer te zien en te mogen verzorgen. De overledene komt in gedachte dan weer even tot leven, omdat je terug gaat naar de herinnering van het gesprek.

In de meeste gevallen worden wij gebeld door de uitvaartverzorger, deze zorgt ervoor dat het lichaam, door een extern bedrijf, naar bijvoorbeeld het ziekenhuis wordt gebracht waar wij dan aansluiten om het lichaam te balsemen. Dit gebeurt meestal binnen acht uur na overlijden. Wij weten dus niet van tevoren of wij moeten werken die dag tenzij er een euthanasie gepland staat. Wij zijn 24 uur per dag bereikbaar. Ondanks dat wij ieder zzp’er zijn, is er gelukkig onderling een goede samenwerking zodat wij wel af een toe vrij kunnen zijn. Tussen overlijden en de uitvaart zit soms wel tien dagen.

Bij een lichte balseming (thanatopraxie) doden wij de bacteriën van binnenuit.

Wat houdt een thanatopractische behandeling in?
Bij een lichte balseming (thanatopraxie) doden wij de bacteriën van binnenuit. Dit doen wij door balsemingsvloeistof te injecteren in een slagader. Via een klein gaatje net onder het middenrif halen wij met een trocar (lange naald), via het hart, het bloed eruit. We reinigen het hele lichaam en vooral de plekken waar zich veel bacteriën bevinden, zoals in de mond, ooghoeken en neus. De haren worden gewassen en als laatste stoppen wij de mond- en keelholte op met watten en sluiten wij de mond via de kaak met een kleine hechting. Het technische gedeelte van de verzorging is nu gedaan. De overledene kan nu worden aangekleed, vaak doen wij dit alleen maar het komt ook voor dat de familie hierbij aanwezig is. Dit is fijn, zij weten precies hoe diegene eruit ziet en de overledenen worden voor ons weer meer mens, door de verhalen van de nabestaanden. Voor de familie is het een begin van een stukje verwerking. 

Welke technieken worden er gebruikt om een lichaam te conserveren of te reconstrueren?
Er zijn meerderen opbaar mogelijkheden. 

Als het lichaam in een uitvaartcentrum ligt, dan wordt het lichaam gekoeld in een gekoelde ruimte waar de temperatuur tussen de 3-6 graden is. Alleen voor een bezoek van familie wordt het lichaam uit de koeling gehaald.

Ook kan het zijn dat de overledene in een 24-uur kamer gaat. Daar wordt het lichaam door middel van een koelplaat gekoeld. De overledene ligt dan op een opbaarplank of in de kist. De familie krijgt 24-uur toegang tot de kamer waar de overledene ligt.

Dan kan er nog gekozen worden voor een lichte balseming. Hier kiest men voor als de overledene thuis opgebaard wordt of in de 24-uur kamer zonder dat men een koelplaat wilt.

Er bestaat ook nog een opbaring met de BIOSAC 200 dit is een zakje met actieve koolstof en klei die op de buik van de overledene wordt gelegd. Deze adsorbeert de door het lichaam van de overledene afgegeven gassen en vluchtige organische stoffen. Hierdoor krijgen bacteriën minder kans om het lichaam aan te tasten. Men kan ook thuis opgebaard worden door middel van een graszoden opbaring. Hierbij worden verse graszoden met wortel onder de kist of het bed geplaatst. De graszoden worden vochtig gehouden en zorgen op deze manier voor een natuurlijke koeling van het lichaam.

Bij baby’s wordt er soms gekozen voor een wateropbaring. Hierbij worden ze in koud water gelegd waardoor zij de natuurlijke houding weer aannemen en de huid mooi roze wordt. Men kan de baby uit het water halen om het vast te houden.

Voor sommige aspecten zijn er verschillende mogelijkheden. Denk bijvoorbeeld aan het ‘bewaren’ van het lichaam. Hoe wordt er beslist welke manieren er worden gekozen?
Er komt een uitvaartverzorger bij de familie thuis om alle wensen van de overledene en nabestaande te bespreken. Soms heeft de overledene zijn wensen voor het overlijden al vastgelegd in een wensenboekje, maar meestal zal de familie beslissingen moeten nemen over wat er gaat gebeuren. Het is de taak van de uitvaartverzorger om de familie alle mogelijkheden voor te leggen zodat de familie goede keuzes kan maken. Gevoel en kosten spelen vaak een rol bij de beslissingen die er genomen moeten worden. Bij invasieve handelingen, zoals het sluiten van een mond met een hechting, zal de familie toestemming moeten geven. Dit is vaak een gevoelskwestie.

Het mondje van een baby wordt niet gesloten met een hechting. Verder is er geen verschil tussen het verzorgen van andere leeftijden.

Er zal voorgesteld worden of de familie mee wil helpen met verzorgen of dat zij dit overlaten aan de professionals. Bij kinderen wordt er vaker gekozen om mee te helpen met verzorgen, dit is een eerste stap in het verwerkingsproces.

De familie kan bij een thuisopbaring kiezen tussen een koelplaat of een lichte balseming. Persoonlijk vinden wij dat een lichaam beter gebalsemd kan worden als men kiest voor een thuisopbaring, omdat de overledene mooier blijft, je niet geconfronteerd wordt met een koud lichaam en er een kleine kans op verkleuringen en geuroverlast zal zijn. Een balseming kost net iets meer dan een koelplaat en is een invasieve handeling. De familie zal hier een kosten overweging moeten maken en op gevoel afgaan. De uitvaartverzorger geeft advies, maar de familie beslist. 

Ons kleine landje loopt wat keuzes betreft erg voorop.

Zijn er verschillen tussen de behandeling(en) in Nederland en het buitenland? 
In Nederland mocht men tot 1 september 2025 thuis gebalsemd worden. Wij liepen hiermee voorop. Het was uniek, fijn en de balseming kostte niet meer dan een koelplaat. De overledene hoefde niet uit huis, wat erg fijn was voor de familie. Helaas zijn de regels per 1 september veranderd. Wij balsemers vinden dit erg jammer, vooral voor de families. Gelukkig kunnen wij wel snel handelen waardoor de overledene niet lang van huis zal zijn. In de tijd dat de overledene gebalsemd wordt kan de familie de kamer gereed maken voor de opbaring.

In het buitenland kennen ze geen koelplaat, ook is het in veel landen geen gewoonte om een overledene thuis op te baren. In Engeland en Amerika wordt 95% van de overledenen gebalsemd. Daar wordt er geen keuze voorgelegd bij de families. Ons kleine landje loopt wat keuzes betreft erg voorop. Wij zijn maar wat creatief en ruimdenkend. Ook al kan het naar onze mening nog persoonlijker allemaal. Vandaar onze filmpjes, zo proberen wij verschillende mogelijkheden te laten zien en bespreekbaar te maken. 

Bij overledenenzorg komt vaak ook een uitvaartverzorger kijken. Hoe ziet jullie samenwerking eruit?De uitvaartverzorger schakelt ons in voor een lichte balseming, regelt de overbrenging en geeft de wensen van de familie door. Wij zorgen voor de gehele verzorging van de overledene zodat hij of zij netjes weer naar huis kan gaan. De uitvaartverzorger houdt het contact met de familie en zal ons, mocht het nog nodig zijn, weer inschakelen. 

Daarnaast zijn er natuurlijk ook naasten. In hoeverre worden zij bij het proces betrokken?
De uitvaartverzorger zal voorstellen of de familie mee wilt helpen met het verzorgen van hun dierbare na de lichte balseming. Vaak doen wij dat met de familie tenzij zij willen dat het thuis gebeurt, dan zal het team die de overledene naar huis brengt samen met de familie de verzorging doen. 

Het gevoel dat mensen hun dierbare toevertrouwen aan mij is een onbeschrijfelijk gevoel.

Angelique

Ik kan me voorstellen dat dit werk heel mooi en dankbaar is, maar ook heel heftig en misschien wel emotioneel kan zijn. Hoe vinden jullie het werk en hoe gaan jullie hiermee om?
Veran: 20 jaar geleden kreeg ik mijn eerste overledenen te zien, ik weet het nog goed want het was mijn eerste werkdag in de uitvaart. Ik wist niet wat mij te wachten stond. Ik vond het spannend. Tijdens de verzorging gingen de collega’s de mond en neus opstoppen en de mond sluiten met een hechting. Ik liet het niet merken, maar tijdens deze handelingen viel ik bijna flauw. Drie weken lang heb ik gedroomd over overleden mensen, in mijn dromen zaten ze naast mij in mijn auto, in mijn kast, kofferbak en op zolder. Ik denk dat het went. 

Angelique: Ik vergeet nooit meer het moment dat ik ‘mijn’ eerste ‘vreemde’ overledene zag. Het was een oudere, grote man. Ik wist eigenlijk totaal niet wat ik met mijn gevoel aanmoest. Maar ik schrok er ook niet van. Stapje voor stapje groei je in dit werk. Dat komt niet binnen een dag. Wat ik moeilijk vond is dat ik niet direct emotionele gevoelens had, ik dacht: ‘Ben ik niet goed wijs ofzo, waarom kan ik dit?’ Totdat ik me gaandeweg ging realiseren dat ik wel degelijk die emoties heb, maar die om kan zetten in daadkracht, dankbaarheid en professionaliteit. Het gevoel dat mensen hun dierbare toevertrouwen aan mij is een onbeschrijfelijk gevoel. 

Naast mensen die aan een natuurlijke dood overlijden, zien jullie ook mensen die bijvoorbeeld door een ongeluk om het leven zijn gekomen. Ik kan me voorstellen dat dit misschien heftig is om te zien, zowel voor jullie als de naasten. Hoe gaan jullie hiermee om?
We hebben over het algemeen geen moeite met een zeer beschadigd lichaam door bijvoorbeeld een ongeval. We voelen wel erg veel medelijden voor de mens die dit heeft moeten ondergaan, vooral bij zelfdoding. Het meeste last hebben we van de emoties van nabestaanden.

Als wij het laken weghalen en het gezicht van de overledene erg beschadigd is, zullen wij er alles aan doen om het gezicht weer toonbaar te maken. De delen die niet meer toonbaar zijn, dekken wij af. Het is heel moeilijk om in te schatten wat de familie wel of niet aankan of behoefte aan heeft. Dat is een kwestie van de juiste vragen stellen en de familie bij elke stap begeleiden en vertellen wat gaat komen. 

Sinds dat ik dit werk doe ben ik zeker anders over de dood gaan denken.

Veran

Jullie krijgen dagelijks te maken met ‘de dood’. In hoeverre beïnvloedt dit jullie je eigen kijk op de dood en alles wat hierbij komt kijken?
Veran: Dat is een goede vraag. Sinds dat ik dit werk doe ben ik zeker anders over de dood gaan denken. En niet alleen de dood, ook het leven. Wij zien namelijk vaak dat het leven je zomaar uit het niets ontnomen kan worden. Er is geen afscheid genomen, er kwam geen waarschuwing vooraf. Maar ook het ziek worden van mensen terwijl zij gezond leven. Het zet je aan het denken. Je gaat minder zeuren en je minder druk maken over kleine dingen. Je gaat beter relativeren.

En wat betreft de keuzes na de dood; dat is ook veranderd. Ik heb niks met een dood lichaam, het is voor mij slechts een omhulsel. Dus maakt het mij niet uit wat er met mijn lichaam na het overlijden gebeurt. Dit laat ik aan de familie over, wat voor hen goed voelt. En door de vele bijna dood ervaringen van mensen ben ik niet meer bang voor de dood. Ik zit natuurlijk niet op het eventuele lijden te wachten, maar de overgang zelf lijkt mij fantastisch!

Angelique: Ik ben er zeker ook anders over gaan denken. En ook mijn man benoemde dat laatst in een gesprek. 

Ik kan niet, in tegenstelling tot Veran, zeggen dat ik niet meer bang ben. Hoewel ik wel geloof dat als het moment daar is, iets me zal leiden. Ik vind het vooral een, ik zeg altijd, ongezellig idee om alleen op die reis te gaan. Ik ben het ook nog niet van plan. Ik vind het leven geweldig en door ons werk kan ik dingen veel beter relativeren en in perspectief plaatsen. Me druk maken over stommiteiten? Nee, daar hoef je me niet voor te bellen haha. 

Ook in vriendschappen en relaties merk ik het. Ik ben liever en rustiger geworden. Ik ben ontzettend dankbaar voor al het mooie om me heen en alle lieve mensen die in mijn leven zijn. Dat neem ik niet voor lief en heb geleerd ze dat ook te vertellen. 


Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *